zaterdag 16 december 2017

Kwetsbaarheid

Als je maar extreem gezond leeft, word je niet ziek en ga je zeker niet dood is het mantra dat ik hoor weergalmen op sociale media. Alsof het leven maakbaar is. Precies vijf jaar geleden zat ik hier ook op hetzelfde plekje op de bank. Nu schijnt het zonnetje, toen was het grijs weer en voelde ik me onrustig. De telefoon ging 'Hoi met Hilde, ik lig sinds gisterenavond in het ziekenhuis. Ik denk niets ernstigs maar ik heb ondraaglijke pijn in mijn heup en maak je niet ongerust.' Ik wist dat toen niet maar dat was de laatste keer dat ik haar ooit sprak. Twee dagen later overleed Hilde, ze was pas 47 jaar.

Maandag 17 december 2012, de telefoon gaat: 'het gaat niet goed met Hilde, kun je nu naar het ziekenhuis in Helmond komen?' 'Ik moet even kijken hoe laat de trein gaat.' 'Nee dat duurt echt te lang, neem een taxi.' Dan weet je al dat het heel ernstig is. Toch kwam ik te laat om haar nog te spreken. Ze was al in slaap gebracht en is niet meer wakker geworden.

Het ging allemaal zo snel dat lang niet iedereen op de hoogte was. Ik weet het nog zo goed 18 december 's avond, een uurtje na het overlijden reed ik met mijn schoonzus mee naar Utrecht. Het laatste stukje naar Amersfoort nam ik de trein. Terwijl ik van het station naar huis loop bel ik huilend Natasja op 'Hilde is dood'. Natasja dacht dat ze me niet goed begreep. Maar helaas, dat was wel zo.

Je leven verandert voor altijd altijd als je zus ineens overlijdt. Niet alleen omdat ze er ineens niet meer is, maar ook omdat het vragen oproept of je zelf wel alles uit het leven haalt wat mogelijk is. De regelminnende ambtenaren veranderen echter niet en dat is pijnlijk. Moeizaam zocht ik een weg verder in mijn leven met vallen en opstaan. Dat ging steeds beter, totdat ik begin maart bij de gemeente werd ontboden. Mijn uitkering (die ik had vanwege een flinke burn-out) werd per direct stopgezet. Ze zeiden vijf keer in een uur 'het doet er niet toe dat je zus is overleden.' Echt waar!

Maanden heb ik hierdoor in onzekerheid gezeten of ik niet dakloos zou worden. Ik zag geen sprankje licht meer. De huisarts wilde medicatie voorschrijven. Prima als dat nodig is, maar ik was intens verdrietig omdat niemand luisterde naar mijn verhaal en dat los je niet op door een pilletje. Mijn machteloosheid was niet eens alleen vanwege de uitzichtsloze situatie maar ook omdat ik wederom ontdekte dat mensen zoals die ambtenaren meer met hun eigen doel bezig zijn dan te kijken wat de beste oplossing is voor de maatschappij. Want ook de maatschappij heeft deze werkwijze niets positiefs opgeleverd. Uiteindelijk kreeg ik gelijk, maar een vreselijk half jaar was niet nodig geweest als de ambtenaren gewoon een kwartiertje hadden geluisterd.

Ik heb ervaren hoe onrechtvaardig het voelt als mensen zeggen dat je gewoon even je best moet doen en dan problemen als sneeuw voor de zon verdwijnen. Natuurlijk helpt inzet voor een fijner leven, maar ook dan kan een fijn leven nog eindeloos ver weg liggen. Een fijn leven is voor mij geen leven met onrealistische doelen of veel luxe. Nee, dat is een leven waarin je iets kunt doen dat bij je past en waarmee je voldoende geld verdient om je huis, eten en kleding te betalen. En een leven waar we om de wereld en elkaar geven en niet alleen om ons zelf.

Ik vind mijn werk enorm leuk en ben blij met mijn huidige leven. Ik werk met plezier hard om je zoveel mogelijk argumenten (over voeding) te geven zodat je zelf gezondere keuzes kunt maken. Maar in de week rond 18 december ben ik kwetsbaar en komt er daardoor minder uit mijn handen. Dat vind ik niet erg want het delen van mijn kwetsbaarheid maakt de wereld echter. Een wereld waarin ook ruimte is voor kwetsbaarheid is een wereld waarin ik me gelukkig voel.